Wat denkt N-VA van de stadsboulevard? We vragen het aan raadsleden Anneleen Van Bossuyt (fractieleider) en Bob Cammaert (die mobiliteit opvolgt). We treffen elkaar online, want Bob heeft zijn voet omgeslagen en Anneleen moet dadelijk nog naar de plenaire vergadering van het parlement.
Tijdens de kiescampagne in 2024 sprak N-VA Gent zich uit tegen een stadsboulevard, omdat een verminderd aantal rijstroken de bereikbaarheid van de centrumwijken negatief zou beïnvloeden. Professor Boussauw wees er echter op dat het aantal rijstroken er minder toe doet dan vaak gedacht. Verdient Gent geen visie op de R40 die verder kijkt dan het belang van autodoorstroming?
Anneleen Van Bossuyt: In 2017 is het Circulatieplan ingevoerd. We willen daar niet op terugkomen, maar daardoor kan je het centrum niet meer doorkruisen met de auto. Het blijft natuurlijk wel belangrijk om vlot van de ene naar de andere plek te kunnen gaan, dus de verkeersdoorstroming op de R40 is en blijft van groot belang.
Tegelijk moet dat uiteraard op een verkeersveilige manier. Wij willen zelf geen verkeersinfarct creëren, maar bij toekomstige herinrichtingen kunnen we uiteraard veiligheidsproblemen wegwerken met veiliger infrastructuur voor fietsers en voetgangers.
Bob Cammaert: Er is geen tegenstelling tussen autodoorstroming en veiligheid. Met een goede herinrichting kan beide. Ik zit in de technische subcommissie van Gentspoort en daar zie je dat het kan: op heel wat plaatsen zal niet alleen de mobiliteit, maar ook de leefbaarheid en veiligheid erop vooruitgaan.
Is het niet tijd om te bestuderen of we de R4 en R40 wel optimaal gebruiken?Als ik aan mijn routeplanner vraag hoe ik van Campo Santo naar de Ikea moet rijden, krijg ik de R40 als voorkeursoptie, dwars door de stad dus. De optie via de R4 is langer in kilometer, maar nauwelijks in tijd. Is dat geen meer voor de hand liggende route, die de stad en haar bewoners spaart?
Van Bossuyt: Voor ons is het geen taboe om te bestuderen op welke manier we het gebruik van de R4 en R40 kunnen optimaliseren. Maar het is belangrijk om veranderingen via nudgend en verleidend beleid te realiseren. Dat is de meest duurzame aanpak, door mensen zelf te overtuigen in plaats van te verplichten en verbieden. Laat mensen zelf hun keuzes maken.
Hoe zien jullie dat nudgend beleid?
Van Bossuyt: Als mensen merken dat ze ergens vlot geraken op een bepaalde manier of langs een bepaalde route. Die kan in kilometers wat langer zijn, maar als je er minder lang over doet qua tijd: dat kan overtuigen.
Cammaert: Er is nood aan bewustwording rond de R4 en R40. Het gebruik kan zeker optimaler, maar mensen volgen vaak blindelings hun routeplanner. De R4 gebruiken zorgt voor tijdverlies, dat idee leeft nog bij heel veel mensen, en het wordt soms versterkt door routeplanners. Je ziet dat ook in de problematiek rond de Ham. Daarom heb ik aan schepen Vandenbroucke gevraagd dat de Stad contact zou opnemen met de bedrijven die routeplanners aanbieden.
Tal van andere steden hebben hun ringweg aangepakt en autoluw gemaakt. Waarom zou dat in Gent niet kunnen?
Van Bossuyt: Het is belangrijk dat mensen zich ook met de auto vlot kunnen verplaatsen. Er zijn nu eenmaal mensen die niet alles te voet of met de fiets kunnen doen, laten we er dus voor zorgen dat ook zij zich vlot kunnen verplaatsen.
Voldoende auto-infrastructuur is noodzakelijk; Gent is de tweede grootste stad van Vlaanderen, we hebben hier gelukkig veel middenstanders en grote bedrijven, we hebben vlotte doorstroming nodig. Elke stad heeft bovendien een eigen historiek en eigenheid. Ik zou bijvoorbeeld graag een metro hebben in onze stad, maar dat is hier nu eenmaal onmogelijk.
Bij de invoering van het Circulatieplan werd gezegd: we zorgen voor voldoende alternatieven. Maar we wachten vandaag nog altijd op deftige park-and-rides. Ik passeer vaak aan de Lübecksite (Afrikalaan): er staat daar een bord P+R, auto’s staan er kriskras door elkaar op het gras, en verder niks. Dat moedigt niet aan om in de rand te parkeren en het vervolgtraject op een andere manier af te leggen.
Ik verwijs terug naar dat nudgen: als er alternatieven zijn, gaan mensen er gebruik van maken, maar die alternatieven zijn er in Gent gewoonweg niet.
Cammaert: Schepen Vandenbroucke heeft erkend dat die randvoorwaarden niet vervuld zijn.
Dat is het verschil tussen onze visie en die van anderen: wij willen dat mensen zich comfortabel naar de stad kunnen verplaatsen. Dat hoeft niet per se met de auto te zijn, maar een vlotte aanknoping met openbaar vervoer is er niet, een goede aansluiting met park-and-rides is er niet. Het is en blijft belangrijk dat dat er komt, en de realisatie zal een impact hebben op wat we met de R40 kunnen doen.
Jullie pleiten dus voor een en-en-beleid, waarbij je wil zorgen voor voldoende auto-infrastructuur, maar ook werk wil maken van verkeersveiligheid en ruimte voor fietsers en voetgangers. Hebben we daar wel de ruimte voor?
Cammaert: Nogmaals, we zien bij Gentspoort dat beperkte ruimte geen beletsel is om vlotte doorstroming en veiligheid en leefbaarheid te combineren. Dankzij samenspraak met burgers en belangenorganisaties ontstaan nieuwe ideeën, en zo komen we tot de best mogelijke invulling van de ruimte.
Van Bossuyt: Ik hoor vaak dat je moet kiezen tussen een beleid voor fietsers en voetgangers of een beleid voor automobilisten, maar dat is een valse tegenstelling. Dergelijk eenzijdig beleid heeft geleid tot polarisering, wat helemaal niet had hoeven te gebeuren.
Als je de Vlaamse lijst met gevaarlijke punten bekijkt en de Gentse punten met elkaar verbindt, heb je de hele R40 getekend. Grote stukken van de R40 zijn bovendien niet conform het Vademecum Fietsvoorzieningen van het Vlaams Agentschap Wegen en Verkeer, met moordstrookjes en onveilige parkeerstroken. Uw partijgenoot minister De Ridder wijst in haar beleidsnota heel terecht op het belang ‘dat fietspaden maximaal conform het fietsvademecum zijn.’ Pleit ook dat niet voor een meer overkoepelende aanpak?
Van Bossuyt: We zijn geen tegenstander van een gefaseerde veilige heraanleg van R40, maar doorstroming en bereikbaarheid en verkeersveiligheid staan voorop, en dat hoeven zeker geen tegengestelden te zijn.
Niet vergeten: het gaat hier over een ring. Dat is, net als een steenweg, bij uitstek een plek waar doorstroming belangrijk is om te vermijden dat chauffeurs hun weg zoeken via kleine straatjes, wat voor veel overlast kan zorgen. Vlotte doorstroming is de functie van een ringweg.
Er wonen vele duizenden mensen langs en vlak bij de R40. Die hebben toch ook recht op gezonde lucht, rust en woonkwaliteit?
Van Bossuyt: Ja, maar als je daar gaat wonen, weet je wel dat er een ring is. Dat is zoals op het platteland gaan wonen en verwachten dat er een zwembad, cinema en sporthal vlak naast de deur te vinden zijn. Dat gaat nu eenmaal niet.
Niet iedereen kan zomaar kiezen waar hij of zij gaat wonen.
Cammaert: En dus houden we bij een heraanleg rekening met veiligheid en leefbaarheid. We hebben een open geest om dat te bekijken. Maar: altijd in combinatie met het bestaan en de belangrijke functie van de ringweg.
Als we niet gaan voor een stadsboulevard met ingesnoerde auto-infrastructuur, hoe jagen we in onze stad dan wel de modal shift aan? En: hoe versnellen we dan de vergroening van onze binnenstad?
Van Bossuyt: Je kan vooral nog veel verleiden, er zijn nog veel mogelijkheden, zoals meer en betere park-and-rides of meer deelfietsen. Ze zijn superpopulair maar zeer veel zijn het er niet. In het Centraal Station van Antwerpen zie je ze meteen staan, in Gent moet je hard zoeken. Antwerpen bewijst dat een nudgend beleid werkt. Daar stappen evenveel mensen over van de auto naar de fiets. De modal shift is er dus minstens even goed als in Gent.
Antwerpen heeft ook de Slim-naar-Antwerpen-app, en die werkt prima. Wij vragen daar in Gent al jááren naar. Het hoeft niet veel te kosten, er is een goed werkend voorbeeld dat we zouden kunnen overnemen, en zo kunnen mensen zien en ervaren dat het anders kan.
Wat betreft vergroening kijken wij niet in de eerste plaats naar ringwegen. Je kijkt toch ook niet waar op de E17 je nog bomen kan planten? Een autostrade is een autostrade en een ringweg is een ringweg. Als er bij een heraanleg mogelijkheden zijn: graag, maar de eerste functie van een ringweg is vlotte verkeersdoorstroming.
Waar gaan we dan vergroenen? Met wat er op ons afkomt hebben we absoluut meer groen nodig, in het bijzonder in de binnenstad met vaak smalle straten. En de gemiddelde straat wordt maar om de 100 jaar opnieuw aangelegd, daar kunnen we toch niet op wachten?
Van Bossuyt: Als je ziet hoeveel omleidingen er zijn: er worden best wel wat straten heraangelegd. Behalve heraanlegprojecten zijn er ook heel wat grote bouwprojecten in onze stad. Je ziet dat er daarbij ook vergroend wordt. Zo staat het in het Gentse bestuursakkoord: de 3+30+300-regel is ook voor grote bouwprojecten richtinggevend. Wie had dat daar ook alweer in opgenomen?
Interview door Bouke Billiet, mei 2026